AnyBody
AnyBody
AnyBody
Wat ik mis, is het vroeger af en toe in huis rondslingerende magazine Viva. Meestal zo rond een vakantieperiode en er iets van een leesportefeuille mee moest waar dan ook naartoe. Of in de patatzaak om de hoek neusde ik er ook wel eens in wachtend op mijn bestelling. Maar goed, dat behoort tot het verleden, want deze zomer is het alweer vijf jaar geleden dat de Viva voor het laatst verscheen.
Destijds, eenmaal in mijn handen, ging het mij feitelijk maar om een pagina en dat was die van de rubriek ‘Anybody’. Een naaktfoto van voet tot aan de nek, dus ‘hoofdloos’, van een koppel of eenling. Daaronder de tekst met wie hij/zij was of waren en wat zij hun fraaiste lichaamsdeel vonden en dat van elkaar. De een sprak van de bilpartij, de ander was trots op de borsten, dan weer de hals of anders weer een kuit waar hij/zij content over was of mooi vond aan de ander. Vele malen deelde ik de mening absoluut niet, vond ik zelfs de uitgesproken schoonheid van het benoemde lichaamsdeel schromelijk overdreven, zo niet verre bezijden de waarheid. Op een enkele keer na dan, maar dat is door de jaren heen op één hand te tellen geweest. Kortom, schoonheid is een zeer relatief begrip te noemen.
Maar nog meer verbaasde ik mij over de personen die hier hun lichaam tentoonstelden. Ook al was het anoniem zo zonder hoofd, de voornaam was zeker wel echt. Dan moet je toch ergens een kronkeltje hebben om hiertoe over te gaan, lijkt mij? Ik was daarentegen wel weer blij dat er kennelijk genoeg gekken te porren waren, want anders had de rubriek niet kunnen bestaan en al helemaal niet decennialang. Soms mijmerde ik stiekem over wat ik mooi vind aan mijn lichaam en steevast, zonder aarzelen dacht ik dan meteen; mijn voeten.
Prachtige voeten heb ik, ben ik van mening. De tenen rechtstaand in een mooie gelijkmatige boog, de grote teen iets kleiner dan de teen ernaast en de andere drie evenredig in grootte teruglopend. Geen rare haargroei op de tenen, geen gekke nagels, ook geen kloven of eeltbergen, een mooie wreef, een fatsoenlijke stoere breedte en dat alles in normale mannelijke proportie passend bij de rest van mijn lichaam. Maar zoals eerder gememoreerd, mooi is een betrekkelijk begrip, gezien het schaterlachen toen van mijn vrouw en kinderen bij het horen van deze uiting.
Nu, bijna vijf jaar later moet ik er ook wel om lachen, hoewel huilen misschien beter gekozen is. Het einde van het schaatsseizoen is nabij en als ik mijn voeten uit mijn schaatsen wurm, sta ik oog in oog met een tiental kalknagels, waar ik nooit meer van afkom, zolang ik blijf schaatsen. Dit is de mening van een door mij geraadpleegde specialist op het gebied van voeten. Ook de eeltklompen aan de zij- en onderkant van mijn voet ogen niet al te fraai en doen nog zeer ook zodra de schaatsen van de voet af zijn. Krijg ik dat ooit nog weg gebikt terug naar poezelig zacht?
Enfin, zou de Viva nog steeds bestaan en stel ik ben zo gek om mee te doen aan de rubriek ‘Anybody’, dan zou mijn antwoord op de vraag ‘Wat vind je mooi aan jezelf’ oprecht zijn; “niets meer”. En ‘wat vindt u mooi aan uw man?’, is de vraag waarop mijn vrouw dan wederom in schaterlach uit zou barsten. Tja, mijn eens zo mooie voeten, zijn verworden tot vermoeide zielige pootjes. Nog twee weken en dan kunnen ze weer wat herstellen. Ze een zomerlang trakteren op ruim zittende hardloop- en fietsschoenen of lekker blootvoets poedelend in het water. Een verdiende rust voor mijn voeten, met wie ik weer een fantastisch schaatsseizoen heb beleefd.